Bericht

Ondanks het slechte weer met  sneeuw en gladheid waren er toch rond 50 personen afgekomen op het programma voor de Eindejaarsbijeenkomst op 17 december jl. in de Hereniging.
 Mannes Geltink en René Berends hielden een inleiding respectievelijk over de Deventer tapijtindustrie en de Lucifersfabriek “De Ooievaar”. Voorzitter Gijs van Elk vertelde over het strategisch beleidsplan tot 2015 van de SIED en het programma voor 2010.

1. De tapijtindustie.
De Tapijtindustrie hoorde tot een van de oudste industrieën van Deventer. De eerste tapijtfabriek van Bernie en Sauer dateert al van 1797 en was onder Deventer Tapijtfabriek gevestigd aan de Nieuwstraat op de plaats van het latere postkantoor. In de 19e eeuw was de Deventer tapijtfabriek al landelijk bekend onder de naam Koninklijke Deventer Tapijtfabriek (KDT). In 1904 werd een geheel nieuwe fabriek aan de latere Smyrnastraat in gebruik genomen. De machinefabriek Geurtsen en de Uitgeverij Ankh Hermes zijn daar nu ondermeer in gevestigd. De KVT heeft prominente klanten gehad. Deventer tapijten werden geleverd aan het Koninklijk Huis, de Ridderzaal en het Tuchinsky Theater en bijvoorbeeld ook in kasteel Middachten bij Arnhem. De KDT maakte overigens sinds 1919 deel uit van de Koninklijke Vereenigde Tapijtfabrieken te Moordrecht. In 1978 is de fabricage in de vesting Deventer gestopt.                      

                        

In de Zandweerdweg vestigde zich in 1907 (nabij de toenmalige Textielfabriek van Ankersmit) de tapijtfabriek van H.J. Peters. H.J. Peters was eerder onderdirecteur van de KDT. Hij begon toen voor zichzelf met een fabriek voor mechanisch geweven tapijten met een ververij.
Eind zestiger jaren kreeg het bedrijf en andere opzet en werd het meer een toeleverancier van garens. Er is nog steeds een Deventer bedrijf met de naam H.J.Peters. De 4e generatie, ook H.J.Peters, is nog nauw betrokken bij de tapijtbranche, o.a. projecttapijt, maar ook kunstgras behoort tot de activiteiten.            

                         

De  Moquette Industrie Deventer (M.I.D.) was sinds 1978 de enige tapijtfabriek in Deventer.
Eerst in 1932 gevestigd aan de Industrieweg, oprichter Jo Dietrich. Hij was bedrijfsleider bij de KDT. In 1999 verhuisde het bedrijf naar een hypermodern gebouw aan de Bergweidedijk.
De M.I.D richtte zich op het hoogste segment, een nichemarkt, en trad daarmee in de sporen van de KDT. Ook nu weer prominente klanten, nationaal bij banken als de ABN/Amro en Rabobank. Maar nog meer de nieuwe internationale elite in Amerika, de oliesjeiks in het Midden-Oosten en horlogefabrikanten in Zwitserland. Het tapijt werd naar de wens van de klant gemaakt. In 1986 werd het bedrijf van 2e generatie Dittrich overgenomen door H.Desseaux (DESSO) te Oss. In 1997 werd het weer een echt Deventer bedrijf, eigenaren werden Bernard Assink en Mannes Geltink.  In 2002 werd het bedrijf voortgezet onder de naam  M.I.D Carpets door Robusta Genemuiden. In 2005 verhuisde het bedrijf naar Genemuiden. Men richt zich daar nog steeds op hetzelfde marktsegment.


      mid 006.jpg - 656.83 Kb

2. Luciferfabriek “De Ooievaar”
In de Voorstad kent de Ooievaarstraat. Weinig mensen zal het bekend zijn dat deze straat verwijst naar een heuse lucifersfabriek die Deventer in de 19e eeuw kortstondig heeft gekend. 

     

In 1881 diende Fritz de Leuw bij de gemeente een aanvraag in om een lucifersfabriek te bouwen op een perceel buiten de Brinkpoort in het open terrein van de enk tussen de Brinkpoort en de molens aan de Boxberbergweg en Klinkenbeltsweg. In 1882 was de fabriek gereed.

De Leuw ging dat jaar echter de stad uit en deed de nieuwe fabriek over aan een buurman uit de Polstraat, Bastiaans Van Otterbeek & Co. De twee broers gaven de opdracht om de fabriek uit te breiden, maar in 1883 geeft een van de broers, Rudolf Adriaan, er de brui aan. De andere broer vindt in Coldeweij een nieuwe compagnon. Vanaf 1883 tot en met 1887 is de firma bekend onder de naam Bastiaans & Coldeweij. Er wordt dan ook voor het eerst gebruik gemaakt van de naam Ooievaar. In 1884 wordt er op het terrein nog een houten loods bij gebouwd en in 1883 is de fabriek met haar product present op de Wereldtentoonstelling in Amsterdam.

De markt in lucifers raakt al gauw in Nederland verzadigd, als ook grote Zweedse fabrieken hun producten op de Nederlandse markt introduceren. Het leidt ertoe dat vier Nederlandse fabrieken, waaronder de fabriek in Deventer, fuseren. De hoofdlocatie komt in Eindhoven. In 1889 wordt de productie in Deventer beëindigd. Het jaar daarop wordt over het terrein van de luciferfabriek door aannemer Korteling huizen gebouwd. Het straatje wordt een aantal jaren daarna vernoemd naar de luciferfabriek: De Ooievaarstraat.

                         

Het artikel over de luciferfabriek is gepubliceerd in het Deventer jaarboek 2009 van de Vereniging Oud Deventer.

3. Beleidsplan 2010-2015
Wat is de koers van de SIED voor de lange termijn ?

Meer aandacht voor industriële geschiedenis en voor collectievorming.
Vanaf de oprichting in 1995 is de aandacht vooral gericht geweest op gebouwen en andere industriële objecten. Geleidelijk is het werkterrein verbreed naar industriële geschiedenis en naar collectievorming. Deze lijn wordt in het door het bestuur nieuw vastgestelde beleidsplan doorgetrokken en nog meer geaccentueerd.  Uiteindelijk wil de SIED de hele industriële geschiedenis in 2020 beschreven hebben. In 2015 wil het bestuur de bouwstenen daarvoor gereed hebben. 

In nauwe samenwerking met het Stadsarchief en de Athenaeumbibliotheek (SAB) en het Historische Museum wil de SIED tot een industrieel erfgoedcollectie komen. Er wordt een nieuwe werkgroep gevormd die zich permanent met de collectievorming gaat bezig houden. De SIED wil een representatie van de Deventer industriële geschiedenis verzamelen. Dat gebeurt in de vorm van machines, producten, documenten, memorabilia etc. Dat gebeurt door een actief wervingsbeleid en een passief beleid (wat op ons af komt). Niet alles wordt verzameld. Er moet een relatie met de bedrijven uit Deventer en regio aanwezig zijn.

De activiteiten voor het gebouwde erfgoed blijven op niveau gehandhaafd. De inventarisatie van de gebouwen en objecten van vóór de oorlog is vrijwel afgerond. Nu wordt er gewerkt aan de inventarisatie vande periode uit de Wederopbouw.

Programma voor 2010

In 2010 wordt er aan meer dan twintig projecten gewerkt.

De top 10 voor het jaar 2010 zijn:
- plan Pothoofdpark (in 2010 zal hierop door de gemeenteraad worden beslist)
- aandeel planontwikkeling Havenkwartier
- project Sam Noach muurreclame en boek
- fototentoonstelling Senzora
- publicatie inventarisatie Wederopbouwperiode
      (samen met Oud Deventer)
- presentatie nijvertijden met tentoonstelling
- Open Monumentendag “De smaak van de 19e eeuw “
- Uitbouw website met databestanden samen met Historisch Museum en SAB en opname in   de website:  www.deventergeschiedenis.nl
- Bewerking/overdracht aan SAB bedrijfsarchieven Auping/M.I.D/Drukkerij Salland
- Publicatie bedrijfsgeschiedenis Stegeman

Tenslotte deelde Gijs van Elk mee, dat hij niet de hele periode tot 2015 als voorzitter zal meemaken. Eind 2010 treedt hij af. Hij blijft daarna wel actief als vrijwilliger. Penningmeester Eric Giesbers gaat hem opvolgen.